OORLOG

Wat is dat toch met de mensheid? Machtsmisbruik versjteert haar meest edele kanten.

Macht noem ik het menselijk vermogen om het gedrag van anderen te beïnvloeden, zelfs tegen hun wil. Neem nu oorlog, een geheel eigensoortig machtsmiddel.

Je zou het bijna een ritueel noemen, zo voorspelbaar als oorlogen verlopen. In de eerste fase slaat de vlam in de pan. Men grijpt naar wapens, ooit pijl en boog, nu mortieren en drones. Soldaten en burgers sterven, huizen worden vernield, mensen vluchten. Pas als de rekening te hoog oploopt, begint de onderhandelingsfase. Dan volgen de eerste wapenstilstanden – massaal geschonden. Uiteindelijk komen een paar partijen bovendrijven die verder de dienst zullen uitmaken. Op rituele wijze sluit een vredesconferentie deze ronde in de cyclus af. De volgende tijdbom begint al te tikken.

Tel uit je schade. Elke econoom kan voorrekenen dat oorlog een uiterst kostbare manier is om conflicten op te lossen. Verlies van mensen valt niet eens te becijferen. Ook als je doodcynisch de winst van de wapenfabrieken en de wederopbouwindustrie aan de positieve kant van de balans zet, is het volstrekt oneconomisch om een ruzie zo uit te vechten. En vooral een ontkenning van de edele kanten van de mens. Het meest ironische aan oorlog is dat de gang naar het slagveld gerechtvaardigd wordt met een beroep op die edele waarden. Tegenstrijdiger kan niet.

Het mensdier weet niet goed raad met zijn uitzonderlijke vermogens. Het is in staat tegen de eigen evolutie in te gaan en zichzelf te vernietigen. Machtsmisbruik hoort bij dit beestje. De mens blijkt een ‘geniale prutser’ (Jean-Paul van Bendegem).

De broosheid van het mensenbestaan leunt op heel veel lieve mensen. En verder op een paar genieën die de vele prutsers nog een beetje in toom weten te houden.

En religies? Die inspireren helaas niet alleen tot vrede.

120-190216

NB In verband met spam worden reacties op columns in eerste instantie alleen door André Droogers gezien.

2 reacties op “OORLOG

  1. Dag André,
    Jij zou het waarschijnlijk ook graag anders willen, maar ik word hier zo verdrietig door; wat is dat toch met onze wereld?
    Ik beperk mijn “gezichtsveld” daarom, noodgedwongen, maar tot mijn eigen kleine omgeving en probeer er zo goed als mogelijk is te “zijn”.
    En dan ben ik weer blij dat ik in zo`n fijne omgeving woon.
    Hartelijke groet,
    Elisabeth.

  2. Het is inderdaad verdrietig, maar de realiteit is vaak niet anders. Mij lijkt dat emoties die de mens nog in zijn ‘aarde’ heeft een te grote en negatieve rol spelen. In de natuur is het ‘eten en gegeten worden’ en de mens is het wezen dat dat kan doorbreken, maar zijn ‘homo homini lupus’ speelt hem nog steeds parten, zeker als emoties er toe doen. Dan geldt het billijke niet meer.
    En als de emotie om het negatieve resultaat te groot wordt en be-kering suggereert, kunnen die emoties alleen maar in een dramatisch ritueel tot rust komen, in een rituele dans van touwtrekken.
    Als het niet zo verdrietig was – wie lacht niet als hij de mens beziet?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *