MARGE

Goede Vrijdag – Jezus gekruisigd. Maar wie was hij?

Hoe zekerder de kerk werd van haar zaak, des te triomfalistischer werd haar Jezus-beeld. Kerkvorsten leunden graag op de heerser van boven, soms afgebeeld op een troon. Maar wie was die Jezus eigenlijk? De bijbelverhalen lezen we als een biografie, maar iedere evangelieschrijver had eigen context, bronnen, doelgroep, accent en belang.

Ik bekijk die verhalen door een antropologische bril en leg mijn eigen accent. Antropologen hebben veel gekeken naar overgangsrituelen. Als je een overgang meemaakt, zit je tijdelijk in de marge van de tijd, niet meer voorheen en nog niet straks. Dat vraagt om rituele begeleiding, bijvoorbeeld bij geboorte, huwelijk, overlijden. Behalve in de tijd zijn er ook ruimtelijke en sociale marges. Voor vertellers, zoals evangelie- en romanschrijvers, leveren margepersonages mooie verhaalstof.

Godsdienststichters zijn figuren die meestal levenslang in de marge verkeren. Ze leiden een zwervend bestaan, hebben geen vaste woon- of verblijfplaats, of moeten vluchten. Ze worden gemarginaliseerd en mijden het machtscentrum. Zie de verhalen over Boeddha, Mozes, Mohammed – en Jezus.

Het begint al bij de verhalen over Jezus’ geboorte: Onderweg, niet eens in een herberg, maar in een stal, tussen de dieren. De volwassen Jezus staat buiten de religieuze elites. Volgens het verhaal van de verzoekingen in de woestijn (lees: in de ruimtelijke marge van de bewoonde wereld) slaat hij macht af. Hij zoekt de omgang met bevolkingsgroepen in de sociale marge, zoals vissers, hoeren, corrupte belastinginners en allochtone Samaritanen. Als hij Jeruzalem intrekt juichen de mensen hem toe als een koning, maar zijn rijdier is een ezel en zijn uiteindelijke kroon is gemaakt van doornen. Hij wordt veroordeeld door het religieuze establishment en sterft een marteldood, buiten de stad, tussen twee criminelen. Als hij volgens het verhaal opstaat uit de dood, zijn de eerste getuigen niet mannen maar vrouwen, gemarginaliseerd als hij.

Jezus is Onze Lieve Heer van de Marge. Hoe is zo’n kwetsbaar iemand na te volgen? Hoe zijn godsdienststichters na te volgen?

125-250316

PS Jan de Jongh biedt in in hoofdstuk 5 van ‘God in de kring van de goden: Griekse tragedies en het christendom‘ (net uit bij Skandalon) een spannende vergelijking tussen Oedipus en Jezus: weer een ander accent, met een verrassend resultaat.

NB In verband met spam worden reacties op columns in eerste instantie alleen door André Droogers gezien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *